Vlees braden? Zo doe je dat!

Vlees braden? Zo doe je dat!

Vlees, de gemiddelde Nederlander eet het meerdere avonden per week. Toch weet lang niet iedereen wat de beste manier is om vlees te bereiden. Vaak wordt het gebakken in een koekenpan. In dat geval verliest vlees smaak en word het droog. Daarom is het soms beter om jouw vlees te braden. Maar hoe doe je dat eigenlijk? Wij geven je hier tekst en uitleg over vlees braden.

Breng het vlees op de juiste temperatuur

Om te voorkomen dat vlees bederft, bewaar jij het waarschijnlijk in de koelkast of vriezer. Veel mensen gooien het vervolgens direct in de pan. Wanneer jij jouw vlees wilt braden, is dit niet de juiste aanpak. Nee, want je moet het vlees allereerst op de juiste temperatuur brengen. Bewaar je het vlees in de vriezer? Leg het dan ruim voordat je begint met braden uit. Op deze manier is het vlees niet meer bevroren wanneer je begint. Ook als het vlees in de koelkast ligt, raden wij je aan het hier tijdig uit te halen. Om een goed begin te maken met braden, moet je het vlees namelijk altijd eerst op kamertemperatuur laten komen. 

Zorg voor de juiste pan

Wil je vlees braden? Dan moet je een braadpan in huis hebben. De bodem van braadpannen is namelijk aanzienlijk dikker dan de bodem van een koekenpan. Hierdoor bakt jouw vlees minder snel aan en droogt het niet snel uit. Wanneer jij en braadpan gebruikt, wordt de warmte gelijkmatig over de braadpan verdeeld. Hierdoor bereid je vlees altijd op een lekker manier. Een onmisbaar onderdeel van deze pannen is de deksel. Er mag namelijk geen lucht bij het vlees komen en ook moet het vocht in de pan blijven. Heb je geen braadpan in huis? Dat is niet direct een probleem, want je kunt ook braadsledes gebruiken. Je braadt het vlees dan niet in een pan, maar in de oven.

Hoe braad je vlees?

Als het vlees op kamertemperatuur is en jij de pan klaar hebt staan, voeg je allereerst wat boter toe. Zet de pan op een laag vuur en laat de boter smelten. Zodra de boter goudbruin is, doe je het vlees in de pan. Schroei het vlees vervolgens rondom dicht. Gebruik voor het omdraaien nooit een vorm, maar altijd een spatel of tang. Waarom? Omdat het vlees smaak verliest wanneer je er meerdere malen met de vork in prikt.

Nadat je het vlees rondom dichtgeschroeid hebt, zet je de pan op een lager pitje. Doe de deksel er vervolgens op. Je kunt deze gedeeltelijk op de pan doen, maar je mag hem ook iets open laten staan. Laat het vlees nu op een laag vuurtje sudderen en kijk zo af en toe hoe het gaat. Check altijd eerst even of het vlees goed is alvorens je de pan van het vuur haalt.

Gebruik jij een braadslede? Braadt het vlees dan altijd eerst even in de pan tot het rondom dichtgeschroeid is. Zet ondertussen vast de oven op plusminus 175 graden. Als het vlees rondom bruin is of een korstje heeft, doe jij het in de braadslede. Deze schuif je vervolgens de voorverwarmde oven in. Zorg dat je weet hoe lang het vlees in de oven moet. Als jij het te lang braadt, kan het namelijk droog worden en dat is zonde.